500 TON PATRICK DEWAEL

LIBRE PELIGROSO THIBORON en een 500 TON wegende PATRICK DEWAEL. Dit opschrift in zwarte alcoholstift raakt kant noch wal. Maar het plaagt me en daagt me uit om hier te blijven hangen. De absurde tekst werd net in één beweging neergeschreven en nestelt zich tussen de vele groteske figuren op het schilderij in wording. De aanstekelige lach van hij die de tekst verzon en neerschreef, galmt nog na. Het is alsof hij, Klaus Compagnie, steeds weer uitbundig geniet van elke ingeving, van elke artistieke daad. En dat lijkt hier alleen maar versterkt te worden door de aanwezigheid van Tom Poelmans.

Twee opmerkelijke leeuwen

Ik ben hier op vrijwillige basis vandaag. Mijn vrije dag offerde ik spontaan op voor een halve dag toeven in de nabijheid van Tom en Klaus. Zowat anderhalve maand geleden werd mijn nieuwsgierigheid danig geprikkeld bij de kennismaking met deze twee opmerkelijke leeuwen. Jawel, leeuwen! Mannen die van wanten weten. Mannen die zich met volle kracht gooien op hun prooi, de schilderkunst. Mannen die weten waar de kwast hangt. Klaus, de linkshandige en Tom, de rechtshandige. Twee handen op een buik.

Verduivelde schilderstel

Ach, doorgaans ben ik een plan-mens. Daarvoor ben ik ooit aangeworven aan de Overkant. De zaken op orde houden. Alert zijn. Wat zoveel betekent als het beschikken over een scherp observatievermogen. En misschien wel de neus van een detective. Op haar beurt vloeit een scherpe observatie voort uit een gezond stel ogen, goed ontwikkelde voelsprieten en een meer dan gemiddelde nieuwsgierigheid. Maar fijn ontwikkelde antennes wijzen echter ook op een hypersensitieve natuur. Een eigenschap die ik me nooit eerder toedichtte. En hier zit nou net de kink in mijn kabel.

De huishoudelijke taken die ik mezelf opleg op vrije dagen als deze, wat tot op vandaag altijd steunde op mijn onberispelijke discipline, heb ik voor het eerst met een nonchalance aan de kant gegooid. Zo van, dat kan wel even wachten. Schema overboord. Dat gebeurde nooit eerder in het bestaan van deze stringente zaalwachter. Het voelt alsof mijn leven even in een kolk terecht komt. Dat verduivelde schilderstel heeft hier wat aangericht.

Schilderplezier

Onophoudelijk schildert de tandem Poelmans-Compagnie verder. Zoals ik al zei: als twee hongerige leeuwen, ontembaar. Alsof het de meest primaire behoefte betreft. Ik raak in de ban van zoveel daadkracht en genot op doek.

Ooit pikte ik in een gesprek het woord schilderplezier op. Schilderplezier, schilders-plezier, plezier onder schilders. Ik meen dat ik weet wat het betekent.

 

 

 

 

Bij Tutti Fratelli

Een wandelende opera?

Suppoosten voor Wit.h betekent op locatie werken. Het museum is altijd weer aan de overkant. En daar moeten wij dan heen. Suppoost spelen in een klassiek museum, altijd op dezelfde plek, dezelfde tijd en dezelfde mensen, het zou niets voor mij zijn. Ik ben altijd nieuwsgierig naar wat aan de overkant te beleven valt.
Vandaag trek ik naar Antwerpen naar Tutti Fratelli. Het kunstenaarscollectief ‘Onderland’ heeft er een tijdelijk onderkomen om te repeteren. Ze werken aan een performance voor het project Bloedtest maar repeteren in Kortrijk of Gent bleek moeilijk te organiseren. Dus dan maar naar Antwerpen, zo eenvoudig gaat dit bij ons. Ik zie jullie nu fronsen en zich afvragen of Wit.h nu ook theater maakt? Awel ik probeer het ook beetje bij beetje te begrijpen. We werken blijkbaar aan een soort opera? Maar dan een die wandelt?

Puzzelen

‘Onderland’ is de naam dat het kleine collectief zichzelf aangemeten heeft. Ik heb ze al een aantal keren ontmoet in dit project: Geertje Vangenechten, Hazina Kennis, Peter Holvoet Hanssen en vandaag niet met Pieter Debruyne maar met de jonge acteur Jason Van Laere.
Ilse van Tutti is supervriendelijk en onthaalt ons met koffie. Peter bracht chocolade mee en Hazina trakteert met zelfgemaakte speculaas. Geef toe, een aangename job hé.
De eerste taak van de dag is samen een agenda opmaken voor de komende werkperiode. Onze chef artistiek doet niet graag zo’n praktische zaken en dus moeten wij suppoosten dit op ons nemen. Ik vind dit heerlijk, zo puzzelen met data en plekken tot alles perfect in elkaar haakt. Dit heeft me een goed gevoel.

Die Jason laat zich wel gelden.

Opvallend zo’n jonge man met het syndroom van Down met zoveel goesting om te spelen. Hij demonstreert een soort Flik-flak en werkt zich schijnbaar zonder moeite door een aantal setup s. Amai, mijn stramme lijf doet al pijn door gewoon toe te kijken. Maar zijn boodschap is duidelijk: “allez, laat ons beginnen”. Indien hij vandaag zijn plaats vindt mag hij het gezelschap versterken voor de duur van het project. Ik hoop het voor hem en voor ons, want zo’n kunstenaar erbij maakt toch wel een wereld van verschil.

Onderland

Vooraleer ze starten met werken vertelt Peter me hoe ze straks afdalen in ‘Onderland’. Ze willen zichtbaar maken dat er soms zo’n belangrijke gebeurtenissen op je pad komen dat het leven erna helemaal anders is. Deze kunstenaars verlaten zelfs de fysieke samenleving en dalen letterlijk af in de buik van onze wereld. Dit proces hebben ze reeds in een videofilm ingeblikt. Nu werken ze aan het vervolg als podium act. Mijn gedachten dwalen af en ik herinner me lange tijd terug een mevrouw die me vertelde dat ze zwanger was geweest van een kindje met het syndroom van Down. Hoe ze door de hel ging en emotioneel verscheurd werd en uiteindelijk toch abortus besliste. Haar leven is nooit meer hetzelfde geweest. En ook ik wist niet goed wat te zeggen.

Groeten de suppoost met knieprobleem

Een kolkend geheel van beeld en muziek

Een kolkend geheel van beeld en muziek

Ik had er op gehamerd. Dat we tijdig moesten vertrekken. Ik kan ze zo opnoemen, de knelpunten op de secundaire wegen. Ik volg de verkeerssituaties op vrijdagnamiddag nu eenmaal nauwgezet. Althans wanneer het tijdstip dit toelaat. Buiten de bezoekersuren zorg ik dat het Museum aan de Overkant er netjes bij komt te liggen, en dat terwijl de radio speelt. Het artistieke team staat de muziek oogluikend toe, zolang het maar buiten de tentoonstellingsuren valt. Het zou naar verluidt niet altijd klikken tussen mijn muziekkeuze en de kunstwerken.

Richting Zwalmstreek

De hybride wagen van het Museum trekt zich op gang, de snelweg op, om dan ter hoogte van Deinze de meanderende wegen in te sluipen richting Zwalmstreek. Daar woont en werkt de gerenommeerde beeldhouwer Johan Tahon. Mijn collega’s maken me deelgenoot van dit bezoek, het moet zijn dat ze mijn bijdrage in het museum nog steeds waarderen.
Bij aankomst word ik van meet af aan in een heel andere wereld dan de mijne gegooid: menselijke gedaanten in gips, soms onvolgroeid, soms misgroeid, soms ontmenselijkt, soms bovenaards, soms onderaards. Schoon en angstwekkend tegelijk.

Een universum vol mysterie

Tahon is een man van grote gestalte, met lange haren en al. Hij is bijna even groot als sommige van zijn beelden. Ik kan me best voorstellen dat je redelijk uit de kluiten gewassen moet zijn om dergelijke sculpturen te baren. Ik durf te denken dat het maakproces wel eens om een lijf aan lijfgevecht gaat. Maar ondanks die hele dramatiek is de ontvangst gastvrij en verloopt het gesprek zeer gemoedelijk. Ik voel me middenin een merkwaardige reis door een universum vol mysterie maar het voelt comfortabel aan.

Het gezelschap praat in één beweging de namiddag vol. Er wordt gemijmerd over kunst, de mens, de wereld en niet in het minst de bloedtest. Gaandeweg nemen ideeën hun eerste vorm aan. Al snel en tot mijn grote verbazing komen ze bij de muziek uit. Tahon kruist op zijn artistieke pad wel heel bijzondere mensen. En het zijn niet van de minste. Hij blijkt muzikanten van de bands Rammstein en Sonic Youth dan ook persoonlijk te kennen. De muziek van die mannen staat mijlenver van mijn persoonlijke keuze. Maar ik ken ze. Ook een suppoost kijkt wel eens over de schouders van zoon en dochter mee.

Een hellepoort

Wild Classical Music Ensemble komt ter sprake: een unieke, inclusieve band die jaren terug ontstond in de schoot van het Museum aan de Overkant. Waarom hen niet samenbrengen met een New Yorkse gitarist en ze posteren middenin de beeldenwereld van Tahon? En vervolgens dat kolkend geheel van beeld en muziek gaan filmen. Namen van cineasten en cameramannen vallen. Even zie ik het bos door de bomen niet meer. Ik heb het raden naar wat de uitkomst van dit proces zal zijn. Maar ik heb alvast weer iets om hongerig naar uit te kijken. Geloof me vrij, het helpt de wereld vooruit, zoveel enthousiasme, verbeelding en durf!

Een bevallige jonge dame arriveert

Een bevallige jonge dame arriveert

Het gevoelig gedicht is verdwenen uit de vitrine van het Museum aan de Overkant.
Ik vind het wel spijtig.
Het plein aan de kerk zal nooit meer hetzelfde zijn.
Maar er zijn nu eenmaal tijden van komen en gaan.
Een bevallige jonge dame arriveert. Ze heeft nieuwe plannen.

Ze spant draden in de vitrine en haalt een doek boven. Ik hou haar nauwlettend in de gaten.
Ze lijkt als twee druppels water op Frida Kahlo. Ze heeft prachtig zwart haar en opvallende wenkbrauwen.
In heel mijn suppoosten bestaan heb ik veel schilders de revue zien passeren. Frida Kahlo is de top. Mexicaanse, schilderes en surrealistisch.
Ze had niet echt veel geluk in haar leven. Kinderverlamming en een zwaar accident met een tram, zorgen er voor dat ze een vervormd bekken heeft en een eeuwig mankende tred. Miskramen maken haar ziek. De kinderloosheid en het gemis zijn een centraal thema in haar werken.
Ik vergeet nooit dat ene schilderij waar ze zichzelf naakt afbeeldt. Ze ligt op een bed in een grote plas bloed. Allerlei bloedbanen zijn verbonden met elementen buiten haar. Een ervan is haar ongeboren kind.
Of dat zelfportret met afgeknipt haar. Ze kijkt de toeschouwer aan en houdt de schaar losjes in haar handen. In het West-Vlaams hebben we daar een mooie uitdrukking voor: ’t is wreed schoon.’

Ondertussen werkt de jonge dame naarstig voort.

Ik hou haar verder nauwlettend in het oog.
Ze heeft de draden gespannen en hangt rode doeken op. Op die doeken zijn foto’s van kunstenaars geprint. ‘Je moet je fantasie gebruiken’, zegt de dame lachend. De doeken suggereren de rode gordijnen van de opera. En ze plakt met gouden letters www.bloedtest.org op het raam van het Museum aan de Overkant.
Ze bekijkt haar werk van op een afstand en zegt met gefronste wenkbrauwen en een brede lach: dit is nog maar het begin!

De vrouwelijke suppoost

Overleg met alle betrokkenen van Bloedtest – dag

Het is zes november ’18, maar het lijkt hartje zomer. Van de klimaatopwarming begrijp ik niets en kan er weinig over zeggen. Maar zo warm in november dat voelt wel een beetje vreemd.
Vreemd of niet het doet wel ‘DEUGD’. De gezichten van de kunstenaars die een voor een de historische vergaderzaal betreden staan op modus: ‘welgezind’. En het zal nodig zijn.

Open communicatie

In de auto op de heenreis naar Gent vertelt onze chef de agenda voor vandaag. Met alle kunstenaars die deelnemen, en dit zijn er meer dan 50 en dan nog eens een viertal gezelschappen overleggen we vandaag het ganse verloop van de walking opera: Bloedtest. De speel- en toonplekken, de timing, de rode draad, de muziek, … een nogal complex verhaal.
Ons team is goed voorbereid en ziet er naar uit om in een open sfeer te overleggen met alle betrokkenen. Het is niet van nul beginnen hé. De meeste kunstenaars zijn al een aantal maanden aan de slag en ons artistiek team coacht dit heel erg betrokken. Ik heb het gevoel dat we vlot vooruit gaan.

TOP catering en techniek

Als suppoost kan ik me vandaag beperken tot het aanbrengen van het technish materiaal en onze productie medewerker Koen Moerman bijstaan. We hebben graag dat de zaken vlot verlopen, geen gestuntel met projecties en micro’s bij ons.
Het is ook erg leuk samenwerken met de collega’s van museum dr. Guislain. Zij hebben gezorgd voor een prima onthaal en de catering voor deze middag ziet er overheerlijk uit.

Biologie

Onze chef artistic doceert de ganse struktuur van de Walking Opera als een bioloog. Hij stelt het museum en de opera muziek voor als een CEL. De tentoonstelling wordt het DNA van de opera en de podiumacts worden vergeleken met de GENEN. Het CHROMOSOOM vormt het parcour van de Walking Opera en alle inhoudelijk aspecten verzamelt hij in het MEMBRAAN.
Amai super benieuwd hoe dit verder zal verlopen?

De suppoost met knieprobleem

 

D-EFFECT

Vijf dansers en een muzikant

Vijf dansers in rare houdingen. Als lettertekens, schuinen en krommen steunen ze tegen een tafel of liggen als wrakhout gekanteld tegen het dansoppervlak. Geen van hen merkt mijn aanwezigheid op. Dat voelt tegelijk comfortabel en oncomfortabel aan. Maar dansers moeten nu eenmaal stretchen. Zoveel is duidelijk. Spieren klaarstomen om straks nog maar eens tot op het bot te gaan.

Over het muurtje kijken

Wat verder verwijderd van deze bizarre, levende sculpturen staat een muzikant. Een contrabassist. Hij stemt zijn kolos van een instrument en oefent enkele melodielijnen in. Gek toch, de repetitie is nog niet half aangevangen en ik waan me reeds in een voorstelling. Dat heb ik al eens voorgehad toen ik samen met mijn collega’s een hedendaags-klassiek muziekstuk mocht bijwonen. Maar dan in de omgekeerde richting, alsof de strijkers voor eeuwig hun snaarinstrumenten aan het stemmen waren, toen bleek dat de uiteindelijke uitvoering al bezig was. Toegegeven, mijn luistergedrag was toen nog geprogrammeerd. Stap voor stap leerde ik écht te luisteren, met gespitste oren in plaats van geconditioneerde oren. Gaandeweg leerde ik over het muurtje te kijken.

De taal van de dans

Ze gaan even zitten in een cirkel. Lisi, de Argentijnse choreografe, evalueert en doet dit wisselend in het Frans, Engels en Spaans. ‘D’accord’, antwoordt Frédéric in zijn moedertaal.
Jeetje, hier spreken ze alle talen door elkaar en als het niet doordringt tot iedereen, dan is er nog de taal van de dans, die alles overstijgt. Hier heus geen Babylonische spraakverwarring.
Mijn aandacht blijft even haperen bij deze overpeinzing tot ik wakker geschud word door bonkende, bezwerende elektroklanken. Rusteloos en onder stoom besmetten de dansers elkaar. Ze trekken grimassen, hun tong raakt de grond en de suppoost schuift naar het puntje van zijn stoel.
En dan, in één klap keert het tij. De stilte valt. De lichamen verstenen. Ik hoor enkel nog het hijgen van de dansers. De contrabassist neemt het roer over en strijkt weemoedig over zijn snaren. Een danser stapt schijnbaar argeloos naar hem toe. Tot mijn grote verbazing slaat hij de strijkende hand van de muzikant weg. Opnieuw en op slag valt de stilte. Hij staat oog in oog met de muzikant en begint zowaar diens instrument te betokkelen. Op zijn beurt reageert de bassist en strijkt er een melodie bovenop. Ik slik.
Jeezes, zo’n contrabas, dat is geen muziekinstrument maar een lichaam, een levensgroot mens. Dat zijn hier geen vijf maar zes lichamen in een interactie!

Topsport met een boodschap vol poëzie

Tot mijn grote spijt moet ik de repetitie verlaten. Schoorvoetend verwijder ik me van de arena en sla de deur achter me dicht. De energie zindert na en zet me aan het denken. Dit is verheven topsport; topsport vol poëzie. Dit is atletiek die ruimte laat aan onze zielenroerselen. Ik ben sprakeloos en verzoek hierbij iedereen om zich eens open te stellen voor deze verheven lichaamstaal.

D-EFFECT is een inclusieve dansvoorstelling van Passerelle in coproductie met Wit.h. De voorstelling toert door Vlaanderen en komt langs bij de Walking Opera Bloedtest als een videoinstallatie.

 

Baren in Blankenberge

Nu moet het gebeuren.

📱“ Hallo, hallo, Peter hier, zeg je bent toch nog niet vertrokken naar Gent hé? We zouden elkaar zien in het dr. Guislain museum deze morgen maar we zijn veranderd van idee. ‘t Is te zeggen als het ok is voor jou?”
“Neen, ik ben nog niet vertrokken en was dat ook niet onmiddellijk van plan.”

“Blijven zo! We hebben net beslist dat we doorrijden naar Blankenberge. Ja het is zo’n prachtig mooi weer vandaag, precies zomer. En dat inspireert ons zo erg, dit mogen we echt niet laten liggen. Neen, neen, dit is ons moment. Iedereen is in extase. We moeten er onmiddellijk tegen aan. Hazina zal de aarde baren, nu maintenant, we moeten naar zee. Vandaag staat het te gebeuren.
De grote doorbraak is nabij. Ja man, precies weer zomer vandaag. Daaag.”

Blankenberge?

Hoe komen ze erbij, Blankenberge. Deze ‘parel’ aan de kust is in mijn gedacht nu ook niet zo inspirerend. Misschien een ideale plek voor wie zand en schelpjes lust, maar voor de kunst? Nu probeer ik al lang niet meer te discuteren met de kunstenaars. Onze chef zegt dat het typisch is voor ons museum aan de overkant omdat wij procesmatig werken. En die processen laten zich nu eenmaal moeilijk voorspellen. Elke stap kondigt de volgende stap aan en je kunt dit niet forceren. Er is wel een rode lijn uitgestippeld maar die zit vol kronkels en omwegen. Konden wij toch niet op voorhand weten dat het vandaag zo’n schoon weer zou zijn, in oktober dan nog? En dus uiterst flexibel moeten we zijn. En denk maar niet dat zo’n dag aan zee vakantie is.

De oermoeder baart

Normaal zouden Peter Holvoet Hanssen, Pieter De bruyne, Hazina Kennis en Geertje Vangenechten een ganse dag werken in het dr. Guislain museum. Zij werken één van de vier podium acts uit binnen de walking opera: Bloedtest. Ik moest voor een beamer zorgen en hen technisch bijstaan.
Maar kijk, de zon heeft er anders over beslist. En wees gerust, ben er zeker van dat ze een uniek verhaal meebrengen van zee. De Oermoeder (hun act in bloedtest) wordt steevast nog verrassender.

Groeten,
de suppoost met knieprobleem

Wat een creatieve energie

Moerbeke

Eén minuut voor vier parkeer ik tussen de bomen op het plein en haal opgelucht adem.
We hebben het op tijd gehaald. Dat is niet eenvoudig, met al dat verkeer. Moerbeke ligt dicht bij Antwerpen. Gelukkig nog voor de duivelse ring. Ten minste als je het vanuit ons standpunt bekijkt.
Een groot beeld in Cortenstaal staat op een rondpunt als je het dorp binnenrijdt. Het noemt Kristal en herinnert de voorbijgangers aan de geschiedenis van de suikerfabriek van Moerbeke. Hilde van Sumere heeft beeldhouwwerken in het zuiden van China, in het Vlaams Parlement en dus ook op een rondpunt in Moerbeke (Waas).

Unieke dames

Mijn baas en ik hebben een afspraak met de dames van DES. We zijn te gast bij Myriam. Zij tekent, schildert, zingt en woont, ongelooflijk mooi. Haar terras ligt aan het water. Haar boot ligt op de Moerbeke vaart. Het is een ‘unieke plek’.
De DES dames wachten ons op. Wij zijn nieuwsgierig. Zij zijn ongeduldig.
DES is een afschuwelijk synthetisch hormoon. 30 jaar lang hebben onschuldige vrouwen een zogenaamde, onschuldige vitamine geslikt. Ze wilden een perfecte zwangerschap en een miraculeuze baby.
Jaren later is het leed tastbaar en de realiteit bikkelhard. DES ‘slachtoffers’ zijn kinderen of kleinkinderen die geen kinderen kunnen krijgen. Allerlei afwijkingen zorgen voor problemen, ziektes en een levenslang gemis.

Het gaat over de buik.

“Ik was amper 19 toen ik hoorde dat ik nooit kinderen zou kunnen krijgen”, vertelt Myriam. Op zo een leeftijd ben je niet bezig met gezinsplanning. Ze tekent vaak een ‘Recycling woman’, een vrouw die een cirkel vormt. Om de cyclus rond te maken, steekt ze haar tenen in haar mond. ‘Recycling woman’ is ook de titel van een lied op de plaat Kiss of life. Ik krijg daar kippenvel van.

DES gaat ook over de buik, net als bloedtest. Alle twee gaan ze over maakbare mensen, moeilijke keuzes maken en oorverdovende taboes.
Wij van het Museum aan de Overkant en de dames van DES willen graag samenwerken. Vandaag komen wij kijken en luisteren naar hun eerste creatieve plannen. Jullie komen binnen in onze keuken zegt de ene. Het is des mensen fluistert de andere.

We voelen de hartslag

De actrice Hilde Heijnen is in topvorm. Ze vertelt honderduit. We hebben een paar keer gerepeteerd met de muzikanten van Velvet Morning. We hebben van alles uitgeprobeerd, geïmproviseerd.
We horen: ‘ik wil als ik sterf jouw handen op mijn ogen’. We horen een stuk met de klank van een hartslag in de baarmoeder. De actrice spreekt daar doorheen. Ze brengt ongrijpbare en onbegrijpelijke teksten in het Frans. De woorden komen in een razendsnel tempo. De kloppende hartslag overstemt geleidelijk aan haar stem. En dan komt er een nummer over niet kunnen kiezen. ‘Keuzestress’ en ‘choisir’ krijgen de klank van het slijpen van scherpe messen.

Ik zit vastgeklonken op mijn stoel en slik herhaaldelijk.
Wat een creatief nest. Wat een energie.

De vrouwelijke suppoost

Stilte behandel je met eerbied.

Stilte

Een indringende stilte valt als een deken over me heen. Plotsklaps. Nu pas, bij het betreden van het begijnhof, heb ik door waarom die toegangspoort nog steeds in gebruik is.
Het zijn beschermde oorden. Maar wat ik aan de lijve ondervind is dat begijnhoven ook de hoeders van de stilte zijn. En dat is maar goed ook. Stel je voor dat deze stilte, broos als ze is, uitgelaten wordt, de stad in. Of stel je voor dat de stad Gent binnen gelaten wordt en als een razzia te keer gaat. Wat schiet er dan nog over van de stilte? Stilte behandel je met eerbied. Roekeloosheid hoort op deze plek niet thuis, daarvoor trek je de stad in.

Rust

We bellen aan huisje nummer 96 aan. Er wordt gerommeld aan het slot. Al snel wordt de deur ontgrendeld en daar verschijnt Klaus in mijn zicht. Klaus Compagnie, ik ontmoette de kunstenaar reeds jaren terug. Ietwat onhandig laat hij ons binnen. De lichtinval is er schaars. ‘Van de duisternis word je stil en kom je tot rust’, werpt Tom Poelmans – de andere kunstenaar die ons vergezelt – me toe. Hier blijkt het goed toeven voor Klaus. Het schenkt hem de rust waar hij zo naar hunkert.

Persoonlijkheid

In zijn donkere huis staat een tafeltje voor vier gedekt. Koffietassen en koekjes, Russische sigaretten dan nog. Ik kan me niet bedwingen, de zoetekauw die ik ben.
Over Russische sigaretten gesproken, Klaus is een roker. Een fervente sigarenroker dan wel. Bijna niet meer van deze tijd verleent het hem een aparte status. Hij lurkt aan zijn sigaar als geen ander. Voor mijn part mag Compagnie zo in het rijtje naast Churchill en Castro staan. Hij trekt onophoudelijk aan dat ding, dat zich tussen zijn lippen behendig in alle richtingen slaat en rookpluimen de Gentse herfsthemel in blaast. Terzelfdertijd verraden de grimassen op zijn gezicht dat hij met moeite zijn vele overpeinzingen binnen weet te houden. Ik raak in de ban van deze persoonlijkheid.

Vanochtend nog deed hij research naar het oeuvre van volbloedschilder Tom. Zo’n houding, dat zint Tom wel. Ook hij wist zich vooraf te informeren over Klaus. Samen bekijken ze filmpjes op YouTube. Ik kijk mee over hun schouders heen. Een interview van Klaus met justitiejournaliste Caroline Vandenberghe trekt mijn aandacht. Het vervult hem met trots. Maar ook met zijn ontmoetingen met gewezen minister Stefaan De Clerck, politica Mieke Vogels en nieuwsanker Wim De Vilder pakt hij fier uit. ‘Die weet zijn vrienden te kiezen’, hoor ik Tom denken.

Kameraadschap

Tom en Klaus gaan straks samenwerken in Museum dr. Guislain. De eerste date van deze twee kunstenaars maakt duidelijk dat dit tot kameraadschap en schilderplezier zal leiden. Daar liegen de aanstekelijke, amper in te tomen binnenpretjes van Klaus niet om. En Tom, die kijkt minzaam toe. Mijn collega ziet dat het goed is. Dat voel ook ik aan mijn kleine teen en graai nog een Russische sigaret mee.

Nu is het aan jullie

De man met het syndroom van Down

‘Nu is het aan jullie allemaal’, zegt de man met het syndroom van down, en hij kijkt theatraal naar de volle zaal in de Budascoop.
Het museum toont vanavond een film: ‘Zie mij doen’. De film gaat over het leven van Jessica, Quan en Mathias. En over hoe de mensen naar hen kijken. Zwart op wit worden hun emoties getoond. Ik doe mijn ogen toe als ze het haar van Sofie knippen. Sofie is zo zwaar gehandicapt. Ze ze kan haar hoofd niet stilhouden. Ze schreeuwt als een dier. Ik kan het niet helpen, haren knippen van weerloze vrouwen, daar kan ik echt niet tegen.

Maar ik wijk af. Mijn job is vanavond helpen kijken of alles goed verloopt en zorgen dat iedereen op tijd in de zaal geraakt.
De film is gedaan. Er staan zes stoelen voor het grote witte doek. Vier mannen en twee vrouwen gaan in debat over wat we net gezien hebben.

De man met het syndroom van down

bijt de spits af en feliciteert de documentaire maakster. De gevoelens zijn mooi in beeld gebracht. Eén vrouw vindt de film niet goed. De film toont een romantisch beeld. De film toont mensen die in een instelling zitten. Tonen we niet beter mensen die in de samenleving wonen?
Romantisch? Instelling? Zitten? Ik denk er het mijne van.

Plots veert een vrouw recht midden in de zaal. Ze zwaait wild met haar hand als een ongeduldige leerling die de aandacht van de meester wil krijgen. Als een furie gaat ze tekeer. Dat iedereen maar eens moet komen kijken naar de instelling. Dat Sofie er een goed leven heeft.

Het lijkt wel of we midden in het Vlaamse Parlement zitten waar de ministers schreeuwen om hun gelijk in de aanloop van de verkiezingen.
De man in het midden van het panel moet het gesprek terug glad strijken.
Hij geeft het woord aan de acteur. Die zit te zweten bij zoveel animo. Hij zucht en zegt dat hij niet op die manier gekeken heeft. Hij heeft zich niet afgevraagd of het de juiste beeldvorming is. Hij heeft verhalen gehoord en mooie mensen gezien. Dat heeft hem danig ontroerd. De film is voor hem een kunstwerk.

De man met het syndroom van Down krijgt het laatste woord.

Deze keer kijkt hij theatraal en vol bewondering naar zijn collega kunstenaar, de acteur. Hij heeft gelijk, zegt hij met veel overtuiging. En zij, waarbij hij de filmmaakster recht in de ogen kijkt, heeft iets moois gemaakt. Het is goed dat je gevoelens van mensen toont.
Daarna richt hij zich weer tot de volle zaal. En jullie, jullie hebben dit allemaal gezien. Nu zijn jullie allemaal aan de beurt.
Het publiek applaudisseert lang en luid.
Zie hem doen! Denk ik bij mezelf.
Ik slaak een zachte zucht van verlichting. Vanavond was mijn suppoosten job weer anders dan anders. Geen tentoonstelling, geen atelier maar een film over mensen met een beperking. De man met het syndroom van Down heeft gelijk, nu is het aan jullie. Denk daar maar eens goed over na: beperking, kijken naar beperking en alle gevoelens die daar bij horen.

De vrouwelijke suppoost

Info: Zie mij doen